Tariq ergerde zich aan het losse draadje van het rolgordijn. Hij pakte een aansteker om het weg te branden. Het vatte vlam, iets groter dan hij dacht, en hij kon het niet meer uitslaan.  Vuur kwam op het bed en zo ontstond er brand in de slaapkamer van zijn kinderen.

Dat was op 12 april van dit jaar.

Tariq (48) wordt verdacht van brandstichting en het toebrengen van gevaar aan goederen en levensgevaar voor mensen. Tijdens de brand was zijn vrouw en hun dochtertje, toen 3 maanden oud, thuis. De andere 2 kinderen zaten op school. Er is een Egyptische tolk bij de zitting.  De advocaat had ook een tolk bij zich, maar hij mocht naar huis.

De rechter leest voor wat er in het proces verbaal staat. Toen de politie bij zijn huis arriveerde hoorden ze Tariq ‘ik wil dood’ roepen.  De politie haalde Tariq uit zijn huis, hij hield zich vast aan de portiekleuning. Ze trokken hem mee de stoep op.

De politie heeft een buurtonderzoek gehouden, er was bijna niemand thuis. Behalve een buurman. De buurman wil niets verklaren, behalve dat hij ruzie hoorde, een heftige. Er werd geschreeuwd. Daarna was er brand. Tariq zegt dat de ruzie wel meeviel. Hij heeft wel eens ruzie met zijn vrouw en dan wordt er wat hard geschreeuwd.

Tariq zegt dat hij brand heeft gestoken, maar niet expres. Hij kreeg het niet uit. Hij raakte in paniek toen het vuur groter werd. Hij heeft zijn vrouw gezegd naar buiten te gaan. Zij is naar de buurman gegaan. Tariq bedacht ineens dat er 2000 euro onder het matras ligt en gaat terug de slaapkamer in.

De politie moest hem mee trekken. Dat hij zich vasthield aan de trapleuning was omdat zijn broek afzakte en hij zich schaamde voor de omstanders.

De rechter vraagt of Tariq dood wil. ‘Nee’, zegt hij. ‘U heeft geroepen dat u dood wil’, zegt de rechter. ‘Dat weet ik niet meer’,  zegt Tariq. ‘Ik was in paniek’.  De rechter vraagt of het in hem opkwam dat het zou gaan branden, of hij erover had nagedacht. ‘Nee’,  zegt Tariq.  Hij heeft er geen moment bij nagedacht.

Zijn vrouw verklaarde aan de politie dat hij doorgedraaid was, dat ze hem moest kalmeren. Dat zij en haar dochter naar buiten moesten en dat hij het huis in de brand ging steken. De rechter vraagt of hij ruzie had met zijn vrouw, vlak voor de brand. ‘Nee’, zegt hij. De rechter zegt dat de buurman geschreeuw heeft gehoord. ‘Er is wat hard geroepen’,  zegt Tariq, ‘dat is normaal’.  ‘Maar geen ruzie’.

Tariq had wel stress.  In 1990 is hij in Nederland komen wonen. Hij ging werken in de horeca.  Hij heeft zijn diploma’s gehaald en begon zijn eigen grillroom, shoarmazaak.  In 2011 kwamen de problemen. Hij kreeg last van Marokkaanse jeugd, ze betaalden hun eten niet en ze gaven overlast. Het is zelfs een keer zo uit de hand gelopen dat Tariq helemaal in elkaar is geslagen door Marokkaanse jongens.

De zaak liep slecht, Tariq kreeg van de huurbaas huurverlaging maar de schulden liepen op tot 14.000 á 15.000 euro.  Tariq stopte ermee.

Nu werkt hij in Wassenaar als oproepkracht in een Italiaans restaurant.

Tariq heeft 15 dagen in de gevangenis gezeten voor de brand. Hij is onderzocht door een psycholoog. Die zegt dat Tariq geen psychische stoornis heeft en volledig toerekeningsvatbaar.  Tariq is vrijwillig begonnen aan een behandeling tegen stress.  Op advies van de psycholoog.

De Officier van Justitie vindt dat hij moedwillig zijn huis in de brand heeft gestoken.  Omdat hij ‘Ik wil dood’ riep. De Officier van Justitie wil geen gevangenisstraf voor Tariq maar een behandelplicht. ‘Er is veel aan de hand in zijn hoofd’, zegt ze.  Zij eist 15 dagen celstraf min de dagen die hij al heeft gezeten en 80 uur werkstraf of 40 dagen gevangenis, geheel voorwaardelijk en een proeftijd van 2 jaar.  Als een stok achter de deur.

De advocaat zegt dat de brand niet groot was.  Tariq heeft het niet expres gedaan.  Er was geen glas gesprongen en na 3 dagen mochten de bewoners terug naar huis.  Ze willen graag verhuizen. Tariq en zijn vrouw wachten op een goed aanbod van de woningbouw.  Tariq schaamt zich voor wat er is gebeurd.

Bij het verhoor van de vrouw van Tariq, bij de politie,  was geen tolk aanwezig. Ook niet bij het voorlezen van haar verklaring die zij heeft getekend.  Het kan best zijn dat het niet zo goed klopt.

De advocaat eist vrijspraak.  Hij ziet geen gevaar voor herhaling.  Tariq heeft nu minder stress en wordt behandeld voor PTSS (Posttraumatische stressstoornis).

Uitspraak: Gevangenisstraf van 45 dagen waarvan 30 voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

Advertenties